Berlijn

Enkele gedachten van Jaap na een bezoek aan Berlijn. We zijn op zoek naar de definitieve versie. Maar wilden jullie onderstaande alvast meegeven.

Verblijven in Berlijn is pendelen. Voortdurend pendelen in de tijd. Van heden naar een zeer nabij verleden, van heden naar een ver verleden. Berlijn is historie, levende wereldgeschiedenis.
Berlijn is actualiteit. Elke dag zorgt de stad voor nieuws. In ‘ons’ weekend opent Andrea Merkel, de bondskanselier het nieuwe Hauptbahnhof. Er komen 400.000 mensen kijken. Twintig van hen worden door een gestoorde malloot met een mes gestoken.
Als we door West-Berlijn lopen proberen we ons een voorstelling te maken van de stad voor de val van de muur.
Geamputeerde stad die abrupt eindigde waar hij eigenlijk zou moeten beginnen. Die doodloopt op een massieve muur. Twee delen van één stad hermetisch van elkaar afgegrendeld.
Zwei Seelen in einer Brust.
Overal waar in de wereld muren zijn gebouwd, is die betonnen barrière altijd het symbool geweest van grote, onoverbrugbare verschillen in cultuur, in ideologie. Vaak ook van diepe haatgevoelens.

In mijn hoofd speelt het Klein Orkest…
‘Alleen vogels vliegen van west naar oost Berlijn
Omdat ze soms in het westen soms in het oosten willen zijn
Worden niet teruggefloten of neergeschoten.’

Inmiddels is van die uit zwaar bewapend beton opgetrokken muur geen spoor meer te bekennen afgezien van een klein monumentje op de Potzdamer Platz.
De gehate muur is gesloopt, met blote handen, met hamers en tangen en tenslotte met pneumatische drilboren.
Stukjes muur doken over de hele wereld op op markten en in winkels.
Dat is zo merkwaardig.
De muur is er niet meer, is niet meer zichtbaar maar hij is nog zeer nadrukkelijk aanwezig. Omdat hij zo’n zware stempel op de geschiedenis van de stad heeft gedrukt.
Als we bij de Brandenburger Tor lopen proberen we te reconstrueren waar de muur nu eigenlijk precies ‘gelopen’ heeft. Ja om de Tor maakte hij een bochtje zodat deze in Oost-Berlijn lag maar de Reichstag die iets verderop ligt, net in West-Berlijn.

Berlijn is de stad van de paradoxen. Mensen uit Oost-Duitsland die naar het vrije westen probeerden te vluchten, werden door de altijd attente Vopo’s zonder pardon doodgeschoten.
Inmiddels heeft zich die vrijheid waarvoor men toen zijn leven wilde wagen zich over de hele voormalige DDR verspreid. Maar zijn ze er blij mee? De Ossies? Na de eerste euforie verlangen velen van hen, vooral de ouderen terug naar de oude tijd.
Hoe zouden we kunnen denken dat de stad nu alweer een eenheid zou kunnen zijn.

Stad op zoek naar zijn/haar identiteit

Niet zo gek

Als in twee helften gekapt

Traumatische muur.

De muur
Met aan twee zijden de Todesstreifen

Als lagen verf over elkaar

Het Holocaust monument staat
Waar het bunkercomplex dat we kennen uit Der Untergang stond

En de Berliner?
De jongeren die Joe’s Wirtshaus bezoeken maken een uitermate brave indruk.
Ze gedragen zich jong. Volgens een rolpatroon.

Als de stroom uitvalt verwachten we de grauwsluier van oost-Berlijn
Maar nee.
Als het westen zich juist op Unter den Linden heeft gestort.

Elke stad heeft een ‘bezienswaardigheid’ waarvoor mensen in de rij willen staan. Uren wachten voor over heeft. Geduld.
Het Ufizi, de Sixtijnse kapel, het Anne Frankhuis waar de toeristen voor in de rij staan.
Daar ‘moet je geweest’ je kunt eigenlijk niet thuiskomen
Dan had je net zo goed niet kunnen gaan.
Want daar moet je geweest zijn.
Kom niet thuis
Dan word je de risee van de buurt.
In Berlijn is het de Reichstag, het monumentale gebouw dat volgens de Nazi’s in 1936 door de Nederlander Rikus van der Lubbe in brand zou zijn gestoken.